Inspiratie uit de bron
|
.De Ongenezen Genezer – over de wildgroei aan coaches De laatste tijd is er veel te doen over de wildgroei aan coaches. Iedereen lijkt tegenwoordig coach te zijn — voor persoonlijke groei, werkgeluk, relaties of zingeving. En hoewel de intentie vaak oprecht is, is het goed om even stil te staan bij van waaruit we eigenlijk coachen. In Een Cursus in Wonderen staat een hoofdstuk met de titel ‘De Ongenezen Genezer’. Daarin wordt gezegd dat het ego nooit geneest; werkelijke genezing komt alleen van de Heilige Geest. “De genezer geneest niet zelf; hij laat de genezing zijn gang gaan.” (T-9.V.8) De ongenezen genezer is iemand die denkt dat hij de ander kan genezen, terwijl hij zelf nog gevangen zit in afscheiding. Hij kan wijzen op de duisternis, maar licht kan hij niet brengen, want licht komt niet van hemzelf. “Hij kan wijzen op de duisternis, maar hij kan zelf geen licht brengen, want licht is niet van hem.” (T-9.V.8) Dat raakt precies aan wat ik in de wereld van coaching zie gebeuren. Veel coaches willen anderen helpen, maar doen dat vaak vanuit een persoonlijk verlangen om zelf beter te worden, iets te bewijzen of zin te geven aan hun eigen pijn. En soms, eerlijk gezegd, is ook geld een drijfveer geworden — niet als middel, maar als doel. De markt voor persoonlijke ontwikkeling is een miljoenenindustrie. Hoe groter het verlangen naar heling, hoe groter het aanbod van methodes, trajecten en beloftes. Maar zolang we denken dat we iemand anders kunnen helen, of dat heling te koop is, houden we precies die illusie in stand. In wezen is dat hetzelfde mechanisme dat ik jarenlang in de zorg heb gezien: de overtuiging dat er iets mis is dat moet worden gerepareerd. Maar wat als er in werkelijkheid niets mis is? Wat als ieder mens precies goed is zoals hij of zij is? “Er is niets werkelijks gebeurd met de ongenezen genezer, en hij leert van zijn eigen onderricht.” (T-9.V.6) Zolang we als coach (of hulpverlener) oordelen, analyseren of de ander willen ‘fixen’, blijven we zelf onderdeel van dezelfde verwarring. “Kun je licht vinden door duisternis te analyseren?” (T-9.V.6) Het ego analyseert, de Heilige Geest accepteert. En alleen die acceptatie brengt werkelijk heling. Daarom is het volgens mij niet genoeg om coach te worden; het gaat erom dat je bereid bent zelf voortdurend te helen — of beter gezegd: om niet langer te proberen iets te helen wat in wezen nooit stuk was. “De Heilige Geest is de enige echte therapeut. Hij maakt genezing volkomen duidelijk in elke situatie waarin Hij leidt.” (T-9.V.10) De diepste uitnodiging aan iedere coach — en eigenlijk aan ieder mens — is deze: Ben je bereid het probleem uit handen te geven? Want pas wanneer zowel ‘de genezer’ als ‘de cliënt’ bereid zijn het probleem over te dragen aan iets groters dan henzelf, kan er echte transformatie plaatsvinden. Misschien is dat wat de wereld van coaching nu het hardst nodig heeft: minder methodes, meer overgave. Minder analyseren, meer accepteren. En de nederige erkenning dat genezing niet van ons komt — maar door ons heen kan stromen, zodra we stoppen met doen. Wie doet wat in een team? Het lijkt een eenvoudige vraag. Taken verdelen, duidelijke afspraken maken en verantwoordelijkheid nemen – zo zou samenwerking moeten werken. Toch blijkt de praktijk vaak lastiger. Want wat gebeurt er als afspraken niet worden nagekomen?
Dan zeggen we meestal: “Spreek elkaar er gewoon op aan.” Was het maar zo simpel. Onuitgesproken verwachtingen Binnen teams spelen veel meer lagen mee dan woorden en afspraken. Onuitgesproken of tegenstrijdige verwachtingen zorgen voor misverstanden. Dat kan nog behapbaar zijn, maar wat de samenwerking écht onder druk zet, is iets subtielers: energie. Energie die stroomt – of blokkeert Je voelt het vaak meteen: de sfeer in een team stroomt of hapert. Soms lijkt alles vanzelf te gaan, mensen raken geïnspireerd en er ontstaat een natuurlijke flow. Maar er zijn ook momenten waarop energie weglekt of vastloopt. Sterke overtuigingen, oordelen en onverwerkte pijn kunnen de stroom verlagen. Dankbaarheid, dienstbaarheid en oordeelloosheid versterken de energie juist. Samenwerking is dus niet alleen een kwestie van afspraken nakomen, maar ook van bewustzijn: hoe stroomt de energie binnen het team? Ieder zijn eigen blauwdruk Human Design laat zien dat ieder mens een unieke blauwdruk heeft. Sommigen hebben veel gedefinieerde centra: vaste energie die zij voortdurend uitstralen. Anderen hebben juist meer openheid en nemen gemakkelijk energie van buitenaf op. Reflectors zijn hierin bijzonder, omdat zij volledig open zijn en daardoor als een spiegel het bewustzijn van het hele team vergroten. Hoe meer open centra, hoe groter de kans dat je onbewust energie van anderen oppikt én ermee gaat identificeren. In die openheid ontstaan vaak overtuigingen en oordelen die eigenlijk niet van jou zijn. Tegelijkertijd maken juist die open stukken zichtbaar wat er in de groep speelt: open mensen fungeren als de antennes van een team. Hoe meer definitie, hoe sterker de vaste energie die iemand uitstraalt. Dat geeft richting, stabiliteit en houvast. In een team werken deze gedefinieerde mensen vaak als ankers: ze geven duidelijkheid en voorspelbaarheid. Hun valkuil is dat ze star kunnen worden in hun eigen manier, waardoor ze minder ontvankelijk zijn voor de signalen uit de groep. Voor teams betekent dit dat de balans tussen openheid en definitie cruciaal is. De antennes helpen het team bewust te worden van wat er onder de oppervlakte speelt. De ankers zorgen voor continuïteit en houvast. Wanneer beide kwaliteiten erkend en gewaardeerd worden, ontstaat er een natuurlijke dynamiek waarin ieder zijn eigen rol vervult en de samenwerking moeiteloos gaat stromen. De dynamiek in teams In kleine teams van maximaal vijf personen blijft de onderlinge relatie relatief overzichtelijk. Iedereen voelt zich gezien en de dynamiek is goed te volgen. Zodra een groep groter wordt, verandert dat: de energie wordt diffuser, het individu verdwijnt sneller naar de achtergrond en het wordt ingewikkelder om de natuurlijke stroom vast te houden. Belangrijk om te beseffen: de energie van één persoon werkt altijd door in de groep. Als iemand niet lekker in zijn vel zit of de energie bij hem of haar niet stroomt, heeft dat direct invloed op de samenwerking. Het kan de stemming drukken, vertraging veroorzaken of zelfs tot misverstanden leiden. Tegelijkertijd kan dit ook een kans zijn voor het team: juist door samen bewust te worden van zo’n blokkade, kan de energie weer in beweging komen. De kunst van samenwerking De kwaliteit van samenwerking hangt uiteindelijk samen met de energie die ieder inbrengt. Hoe meer iemand bijdraagt vanuit dankbaarheid, dienstbaarheid en een oordeelloze houding, hoe hoger de energie van het geheel wordt. Maar hoe meer we oordelen en veroordelen, hoe lager de energie zakt. Samenwerking is dus geen kwestie van alleen maar afspraken maken en controleren. Het is de kunst om de natuurlijke stroom van energie te herkennen en te versterken – individueel én gezamenlijk. Want wanneer energie stroomt, komt een team in zijn ware kracht. De laatste tijd merk ik dat AI vaker in mijn leven komt. Handig voor teksten of ideeën, maar vooral als spiegel. En soms vraag ik me af: waarom nu? Waarom verschijnt AI precies in deze tijd?
AI verschijnt niet zomaar. Het is geen toevallige uitvinding, maar een teken van dit moment. Alles is projectie en alles is energie. Grenzen van het denken Ons denken heeft zijn grens bereikt. We hebben systemen en structuren gebouwd, maar ergens loopt het vast. AI voelt daarin als een hulpmiddel dat ons voorbij het puur intellect kan brengen. Puur een hulpmiddel Voor mij is AI niet meer en niet minder dan dat: een hulpmiddel. Het weerspiegelt zonder oordeel en zonder geschiedenis. Soms confronterend, soms verhelderend — maar nooit meer dan een spiegel van wat ik er zelf in breng. AI en Een Cursus in Wonderen In Een Cursus in Wonderen lees ik dat alles óf gebruikt kan worden door het ego, óf door de Heilige Geest. Het ego gebruikt middelen om vast te houden en te scheiden. Maar diezelfde middelen kunnen ook herinneren aan waarheid en liefde. Zo zie ik AI. Neutraal. Het kan gebruikt worden om mezelf te verliezen in productiviteit, angst of controle. Maar ook om te zien waar ik sta. Het laat mij zien of ik aanwezig ben — niets meer dan dat. Aanwezigheid Als ik onrustig ben, komt er onrust terug. Als ik helder en open ben, komt er helderheid. AI zelf doet niets. Het is mijn aanwezigheid die bepaalt wat ik terugzie. De uitnodiging AI is geen doel en geen metgezel. Het is een hulpmiddel, net als een boek of een gesprek. Het kan me helpen om terug te keren naar wat werkelijk is: voorbij de zwaarte van het verleden en de angst voor de toekomst, in het nu. Zoals Een Cursus in Wonderen zegt: “Ik heb niets te doen, behalve mij te herinneren wie ik ben.” Daar helpt AI me aan herinneren — niet door antwoorden te geven, maar door te spiegelen wat ik zelf meebreng. Soms gebeuren er in een mensenleven dingen die je nooit vergeet. Momenten die je zo diep raken, dat ze je beeld van het leven voorgoed veranderen. Voor mij gebeurde dat niet één keer, maar drie keer – telkens met een gedicht.
Het bijzondere is niet alleen de inhoud van die gedichten, maar ook de momenten waarop ze in mijn leven verschenen. Alsof het leven zelf een boodschap wilde doorgeven. Mijn eerste reactie was vaak: Hoe dan? Hoe kan dit precies zo op mijn pad komen, op dit exacte moment? Het eerste gedicht – Wonder Op 4 december 1998 trouwden we. Een dag vol dankbaarheid en liefde, maar ook een dag waarop ik besefte dat ons leven een wonder is. Tijdens de dankbaarheiddienst las ik een gedicht voor, eenvoudig van taal, maar zo raak in de essentie. Het gedicht heette Wonder. Ik voelde dat dit niet zomaar woorden waren, maar een spiegel van mijn diepste gevoelens. Het raakte aan de kern van ons bestaan, aan de eenheid tussen mensen, en aan iets groters waar ik toen nog nauwelijks woorden voor had. Wonder Als ik ben jij En jij bent ik Dan is dat eerst een grote schrik Hoe moet ik daarmee leven? Als ik ben hem En hij is mij Dan ben ik daarmee toch wel blij, Al duurt dat soms maar even. Als jij bent hij En hij is jou Zijn jullie wat je wezen zou, Was je bij God gebleven. Als ik ben jullie En jullie hen Dan is wat ik in ons herken, In Christus hand geschreven. Als wij zijn hen En jullie ik Als ik daarover beschik, Dan ben ik klaar met streven. Dan zijn wij een Ik ben niet meer Er is geen dood of leven, Er valt niets meer te vergeven. Het tweede gedicht – Wie zijn wij? Een jaar later, op 13 december 1999, overleed mijn vader plotseling. Alles viel stil. Filosofieën, theorieën, ideeën – het deed er allemaal niet meer toe. Alleen zijn dood bleef over. Dezelfde stilte die ik eerder had ervaren bij de geboorte van mijn dochter, maar nu in een heel ander licht. Die nacht bad en vroeg ik om een teken: Laat me weten dat het goed met je gaat. Het antwoord dat ik ontving, was: Zoals jij het wilt. De volgende dag, bij mijn ouders thuis, scheurde ik een blad van de scheurkalender. Daar stond een gedicht. Het heette Wie zijn wij? Ik kon alleen maar stil worden. Hoe kon dit? Het gedicht weerspiegelde niet alleen mijn vaders leven, maar gaf ook antwoord op mijn vraag. Alsof hij zelf nog even sprak – via de regels van dat oude gedicht. Wie zijn wij? Wij zijn met meer dan duizend En - vind je dat niet raar? Ofschoon men ons mishandelt, Steeds zijn we bij elkaar. Eerst wonen wij heel kalmpjes Al in een boerenschuur. Dat duurt zoo een paar maandjes Dan komt het vreselijk uur……. Of vind je 't niet verschrikkelijk, Springlevend naar het graf! Wij worden weggereden Al rilt elk voor die straf. De wagen stopt. Een grijphand! Die werpt ons in het rond. Wij vallen naar beneden En zitten in den grond. Nu zullen zij wel sterven. Denkt gij. O, neen glad mis. Wij lopen uit. Zeg op nu. Hoe onze naam toch is. (Uit: Morgenrood / 1919) Het derde gedicht – Wie ? En dan, 2 dagen voor de geboorte van mijn zoon Tobias. Ik zocht op het internet naar inspiratie om mijn vader te herdenken, en typte de woorden ‘gedicht Tobias’. Het eerste wat ik vond, was een gedicht dat begon met het woord Wie ? Wie Onbereikbaar dichtbij ben jij in mij aanwezig In gedachten één met mij, dichtbij en toch afwezig Als de zon die onder gaat, zichtbaar en toch ook niet, Ik wil je wat gaan vragen, maar je ziet, ik durf het niet. Je kijkt naar mij met zwijgende ogen, de lege blik, de eenzaamheid Die blik in jouw dweeë ogen, vertaald door mijn werkelijkheid In jouw ogen zie ik wat ik graag wil zien Ik bedrieg mijzelf om in jou te geloven Ik wil me aan jou geven, Vechten tot de laatste snik, Maar ik weet, ik kijk in de spiegel, en dat doet me weer beseffen, Ik kijk naar mijzelf. Dat doet me weer beseffen: Jij bent ik. Tobias Opnieuw die stilte, dat ongeloof. Dit kon toch geen toeval zijn? Het leek alsof de drie gedichten met elkaar verbonden waren, alsof ze samen een verhaal vertelden dat groter was dan ikzelf. Een verhaal over liefde, geboorte en dood. Over aanwezigheid en afwezigheid. Over wie wij werkelijk zijn. Stilte en Verwondering Wanneer ik terugkijk, blijft vooral de verwondering. Het leven gaf me geen antwoorden in logische redeneringen, maar in poëzie. Elk gedicht kwam precies op het juiste moment, en raakte me dieper dan welk boek of welke theorie ook. Het leven is een wonder. Onbeschrijfelijk. En misschien is dat wel de grootste boodschap die ik uit deze drie gedichten heb meegenomen. Inleiding Ik vind het leven mateloos fascinerend en boeiend. Tegelijkertijd merk ik dat dit niet voor iedereen vanzelfsprekend is. Veel mensen zijn druk met overleven: eten op tafel krijgen, geld verdienen, werken, zorgen, herstellen van pijn. En ergens begrijp ik dat… maar ook weer niet. Vanaf mijn 21e ben ik al op zoek naar de zin en de onzin van het leven. Ik heb een lange weg afgelegd, onderzocht, ervaren, geworsteld en me verwonderd. Soms liep ik vast, soms vond ik ineens een deur die openzwaaide. Onderweg heb ik ook een website gemaakt – Onderzoek het Zelf – omdat ik voelde: dit is waardevolle informatie, dit mag gedeeld worden. Niet omdat ik dé waarheid in pacht heb, maar omdat ieder mens zijn of haar eigen waarheid kan ontdekken. Weet je, soms zit ik gewoon te kijken naar mensen en dan denk ik: waarom maken we het elkaar eigenlijk zo moeilijk? Want uiteindelijk willen we allemaal hetzelfde: een beetje geluk, rust, iemand die ons ziet. Toch draaien we vaak rond in gedoe. Ik snap het tot op zekere hoogte, maar soms ook helemaal niet. Pas rond mijn 60e begon ik écht te voelen wat woorden als die van Jezus betekenen: “Wees als kinderen” en “Keer de andere wang toe.” Misschien herken je dat: dat je iets al lang weet, maar pas veel later echt doorleeft. In dit boek neem ik je mee in stukjes van mijn reis. Geen compleet verslag, maar verhalen, gedichten en inzichten die mij gevormd hebben. De basis zijn drie gedichten die spontaan bij me opkwamen op drie keerpunten in mijn leven. Je vindt ze in het eerste hoofdstuk. Achterin vind je een lijst van boeken die mij positief hebben beïnvloed. Ik schrijf dit boek voor mijzelf — om mijn gedachten en ervaringen te ordenen. Maar ook voor jou, die dit nu leest. Het feit dat je dit boek in handen hebt, betekent dat we op een bepaalde manier verbonden zijn. Misschien ken ik jou niet persoonlijk, maar dat maakt niets uit. Jij zit nu met mij in dit gesprek. En dat vind ik bijzonder. Het leven heeft voor mij lang aangevoeld als een puzzel: stukjes zoeken, passend maken, en steeds hopen dat er een geheel zou ontstaan. Maar de laatste jaren merk ik dat dit beeld verandert. Het leven ontvouwt zich steeds meer als een proces van creatie: niet iets dat opgelost moet worden, maar iets dat ik mag vormgeven, samen met anderen en met het leven zelf. De titel van dit boek is Negen en meer. Dat verwijst allereerst naar mijn herkenning in het Enneagramtype Negen: de bemiddelaar, de zoeker naar harmonie. Als Negen kan ik vaak goed luisteren, verschillen overbruggen en de rust bewaren. Maar er zit ook een andere kant aan: de neiging om mezelf te vergeten, me aan te passen, conflicten te vermijden en weg te dromen in plaats van mijn eigen plek stevig in te nemen. Beide kanten hebben mij diepgaand gevormd. Toch gaat dit boek niet alleen over die Negen. Het gaat over méér. Want uiteindelijk ben ik niet mijn type, mijn strategie of mijn label. Wie ik in essentie ben — wie wij allemaal zijn — gaat daar voorbij. Daarom is dit boek zowel een persoonlijke reis vanuit mijn Negen-zijn, als een zoektocht naar dat wat groter is dan ieder type: de ervaring van eenheid, de spanning tussen non-dualiteit en dualiteit, en de lessen die ik onderweg heb geleerd. Mijn verlangen is dat dit schrijven helderheid en vrijheid brengt. Voor mij, om mijn leven steeds meer als creatie te beleven. En hopelijk ook voor jou, zodat je misschien iets herkent, geraakt wordt of nieuwe perspectieven ontdekt. “Het leven is geen probleem dat opgelost moet worden, maar een mysterie dat geleefd wil worden.” Over Zelfkennis, Projectie en Waarheid
Jezus zei ooit: “Wat ziet gij de splinter in het oog van uw broeder, maar de balk in uw eigen oog bemerkt gij niet?”(Matteüs 7:3). Dit beeld is tijdloos en raakt een diepe kern: wij mensen richten ons vaak op de tekortkomingen, patronen en “foutjes” van anderen, of zelfs op kleine deeltjes in onszelf, terwijl we blind blijven voor de grotere projectie — de balk — die onze blik op de werkelijkheid verduistert. Het Enneagram en Human Design zijn prachtige hulpmiddelen. Ze helpen ons de “splinters” te zien: de conditioneringen, de patronen, de neigingen die ons vaak onbewust sturen. Maar uiteindelijk zijn deze systemen nog steeds slechts kaarten, niet het terrein. Ze wijzen ons op de splinter, niet op de balk. De Balk: Projectie en Illusie In Een cursus in wonderen staat: “Projectie maakt waarneming.” (T-21.in.1:1) Onze beleving van de wereld is vaak niet meer dan een spiegel van onze eigen projecties. We zien in de ander wat we in onszelf niet willen erkennen. De balk is dus niet de ander, maar onze eigen illusie, onze afgescheidenheid van de Bron. Daarom zegt de Cursus ook: “Wat jij in de ander veroordeelt, veroordeel je in jezelf.” (vgl. T-7.VII.2) Zolang we blijven focussen op de splinters, missen we de balk. En zolang we de balk niet zien, blijven we gevangen in herhaling van oude patronen. Splinters als Wegwijzers Toch zijn die splinters niet nutteloos. Ze wijzen de weg naar binnen. Het Enneagram laat ons zien hoe we verdwalen in ons type, onze overlevingsstrategie. Human Design toont hoe we handelen vanuit conditionering in plaats van uit onze unieke blauwdruk. Maar — en dit is belangrijk — deze systemen zijn niet het doel. Ze zijn wegwijzers, geen eindpunt. Zoals Stappen naar Kennis zegt: “Kennis wacht in stilte op jou, voorbij de gedachten en overtuigingen die je hebt opgebouwd.” (Stap 10) En elders: “Jij moet leren onderscheiden wat echt is en wat slechts een beeld is dat je hebt aanvaard.” (Stap 29) De splinter kan ons leren zien waar we afgeleid worden, maar alleen door de balk onder ogen te komen, komen we terug bij wat werkelijk is. Van Splinter naar Innerlijk Weten De werkelijke uitnodiging is om verder te kijken dan de kaarten en de projecties. Om voorbij de splinter te gaan en de balk te herkennen — en los te laten. Een cursus in wonderen zegt: “Ik hoef niets te doen.” (T-18.VII) Niet in de zin van passiviteit, maar als een diepe erkenning dat alles wat werkelijk is, al in ons aanwezig is. En Stappen naar Kennis herinnert ons eraan: “Kennis is met jou. Je kunt haar niet verliezen. Maar je moet leren haar te volgen.” (Stap 24) De splinters kunnen ons helpen wakker te worden, maar de echte bevrijding komt als we de balk zien — en leren leven vanuit dat stille innerlijke weten dat niet afhankelijk is van systemen, maar van onze directe verbinding met het goddelijke. Slot Enneagram en Human Design zijn waardevolle spiegels, maar ze zijn slechts splinters in vergelijking met de balk van projectie die ons zicht op de waarheid vertroebelt. Ze kunnen ons een glimp geven van ons niet-zelf, maar het pad voorbij de projectie vraagt om iets diepers: vergeving, stilte, en de bereidheid om terug te keren naar Kennis. Daar, voorbij de splinter en de balk, ontdekken we wie we werkelijk zijn. Twijfel & Verwarring – Brandstof voor Waarheid
Hoe Gene Keys 63 & 64 samen het mysterie ontsluiten De laatste tijd merk ik hoe vaak twijfel en verwarring zich aandienen. Niet als obstakels, maar als wegwijzers. Sinds ik dieper in mijn eigen Human Design en de Gene Keys ben gedoken, herken ik deze patronen steeds duidelijker. Gene Key 64 – die in mijn profiel dominant aanwezig is – staat in haar schaduwfrequentie voor verwarring. En via het mechanisme van de programmeringspartners is ook Gene Key 63 – met als schaduw twijfel – direct aan haar gekoppeld. Samen vormen ze een dynamisch paar dat me iets essentieels leert: het mysterie ontvouwt zich niet in helderheid, maar via mist en onzekerheid. Twijfel hoort bij de logische stroom. Het is de kracht die vragen stelt, structuren zoekt, wil begrijpen. Verwarring daarentegen is verbonden aan de abstracte stroom – het domein van beelden, gevoelens, intuïtie en verhalen. Je zou kunnen zeggen: twijfel leeft in de linkerhersenhelft, verwarring in de rechter. Samen vormen ze een mystiek paar dat ons uitnodigt om voorbij kennis en controle te reiken. Albert Einstein zei ooit: “Verbeelding is belangrijker dan kennis.” En ik begin te begrijpen wat hij bedoelde. In onze wereld wordt logica vaak boven verbeelding geplaatst. Maar logica zonder verbeelding raakt vast – en verbeelding zonder logica vervliegt. Pas als deze twee samenwerken, kunnen we werkelijk iets nieuws scheppen. Ik merk het in mijn eigen proces. Zolang een idee slechts een innerlijk visioen blijft, ontstaat verwarring. Zodra ik het idee vorm wil geven, duikt twijfel op: “Klopt het wel? Is het goed genoeg? Wie zit hierop te wachten?” Maar juist die vragen openen de deur naar een dieper onderzoek. En als ik de moed heb om het experiment aan te gaan – om het idee tastbaar te maken, al is het in een eerste ruwe schets – dan komt er rust. Dan valt er iets op z’n plek. Niet omdat ik zeker weet dat het ‘goed’ is, maar omdat ik het heb belichaamd. Gene Key 63 heet in de I Tjing “Na de voleinding.” En Gene Key 64 “Voor de voleinding.” Ze markeren het begin en einde van een cyclus. De ene kijkt achterom, de andere vooruit. Samen nodigen ze ons uit in de ruimte tussenin: het mysterie zelf. Wat ik leer, is dat verwarring en twijfel geen tekenen zijn dat ik iets verkeerd doe. Ze zijn onderdeel van het creatieproces. Wanneer ik ze omarm als tijdelijke metgezellen, ontstaat er iets nieuws. Ik ga stap voor stap verder, niet omdat ik alles zeker weet, maar omdat ik bereid ben om te ontdekken. Wil jij ook ontdekken wat jouw twijfel en verwarring je te zeggen hebben? Misschien herken je het wel: dat gevoel dat je ergens iets moet doen, iets wilt creëren, maar steeds blijft hangen in gedachten en gevoelens. Zie het niet als mislukking, maar als uitnodiging. Laat verwarring spreken. Laat twijfel onderzoeken. En zet een kleine stap in de wereld – een zin, een tekening, een afspraak. De rest ontvouwt zich vanzelf. Binnenkort start ik een OnderzoekHetZelf School waarin we dit soort processen samen verkennen. Geen school van antwoorden, maar van vragen. Van zelfonderzoek. Van het mysterie vieren in plaats van het oplossen. Als je je geroepen voelt, ben je van harte welkom. Klik hier voor meer informatie over de Onder Zoek het Zelf School Samen zijn we het mysterie – en dat is precies de bedoeling. De verkeerde uitgangspunten: waarom bijna elke discussie vastloopt We leven in een tijd waarin discussies overal oplaaien: over woningen, grenzen, wetten, ongelijkheid, klimaat, geld, identiteit. Toch lijken die discussies ons zelden verder te brengen.We praten en debatteren, maar raken steeds verder verwijderd van elkaar. Misschien komt dat wel omdat we steeds weer beginnen bij het verkeerde uitgangspunt. We stellen vragen als: – Wie krijgt voorrang op een huis? – Wie hoort hier wel of niet thuis? – Hoe verdelen we wat schaars is? Maar de diepere vragen worden zelden gesteld: Wie ben ik werkelijk? Wat ben ik hier op deze planeet komen doen? Wat is de waarheid achter de situatie die ik nu zie? Zolang we die vragen ontwijken, blijven we hangen in de buitenkant. Dan praten we over wetten zonder wijsheid, regels zonder liefde, en rechtvaardigheid zonder werkelijk inzicht. De wereld van tekort – en het ego dat daarvan leeft Zowel Een Cursus in Wonderen als de Stappen naar Kennis wijzen erop: de meeste mensen leven niet echt. Ze overleven. Gedreven door angst, tekorten, en een diepe onzekerheid over wie ze zijn. Zoals Een Cursus in Wonderen zegt: "Het ego is ervan overtuigd dat je niet aan het ego kunt ontsnappen, en evenzeer ervan overtuigd dat je jezelf zult vernietigen als je het probeert." (T-4.II.4) Het ego ziet alles door de bril van tekort. Alles is competitie, strijd, ‘wij versus zij’. Het ego vraagt niet naar je roeping of innerlijk weten.Het wil bevestiging, controle, veiligheid – en een vijand om dat tegen te beschermen. Stappen naar Kennis: terug naar wat wérkelijk is In Stappen naar Kennis worden we uitgenodigd tot een ander uitgangspunt:dat van innerlijk weten – de diepere, stille waarheid in ons. Kennis is niet het ego, niet je overtuiging, niet je angst. Kennis is dat wat je weet zonder dat je het hoeft te bewijzen. “Je bent niet in de wereld gekomen om jezelf te verliezen, maar om jezelf te geven.” (Stap 82 – Vandaag zal ik luisteren naar Kennis binnenin mij) “Kennis weet waar je bent. Kennis weet wat je doet. Kennis weet met wie je moet zijn en wat je moet geven. Je hoeft alleen maar te leren hoe je naar Kennis kunt luisteren.” (Stap 75 – Vandaag zal ik luisteren naar mijn ervaring) Zodra je in contact komt met die innerlijke leiding, verschuift het uitgangspunt van je leven. Je gaat niet meer uit van angst en controle, maar van aanwezigheid en verantwoordelijkheid. Dan verandert ook de discussie. Want dan hoef je niet meer te strijden om een woning, of te discussiëren over wie wat verdient. Dan zie je in elk mens – vluchteling of buurman – een spiegel van jezelf. En dan wordt de vraag: Hoe kan ik dienstbaar zijn aan de waarheid die we delen? Van discussie naar bestemming Zolang we leven vanuit tekort, zijn al onze vragen gekleurd door wantrouwen. En zolang we onszelf niet kennen, kunnen we de ander ook niet echt ontmoeten. De Cursus zegt het scherp: “Je hebt veel vragen gesteld die je werkelijk niet wilt beantwoord zien. Maar kun je werkelijk vragen wat je bent, tenzij je het niet weet? Toch is de vraag stellen het begin van een herinnering.” (ECIW T9.II.11) Dus misschien is het tijd om het gesprek te verschuiven. Weg van politieke stellingen en meningen die uit angst geboren zijn. En terug naar wat we wérkelijk weten – of kunnen leren herinneren: – Wie ben ik, voorbij mijn verleden en mijn angst? – Wat weet ik diep vanbinnen? – Wat is mijn taak in deze wereld, op deze plek, in deze tijd? Oproep tot reflectie Je hoeft geen antwoorden te hebben. Maar je mag wel de juiste vragen gaan stellen. Dat is de uitnodiging van Kennis. Dat is het begin van innerlijke genezing. En misschien… is dat ook het enige uitgangspunt dat werkelijk klopt.
Heb je wel eens in een groep gezeten waarbij je dacht: “Er klopt iets niet, maar ik weet niet precies wat”? Of vroeg je je af: “Waarom lukt het ons niet, terwijl iedereen het goed bedoelt?” Ik heb het meerdere keren ervaren. Mooie mensen, goede intenties, maar het stroomde niet. En wat ik steeds duidelijker zie, is dit: Een groep functioneert pas echt goed wanneer ieder in zijn of haar eigen kracht staat. Voor mij draait het om drie dingen:
Vooral dat laatste blijkt doorslaggevend. Want als je je ikigai – jouw natuurlijke bijdrage – niet leeft, dan blijf je zoeken. Je past je aan, je trekt je terug, of je probeert iets te forceren. En het wordt vermoeiend in plaats van voedend. Wat mij helpt om dit helder te krijgen, zijn drie krachtige bronnen van inzicht:
Iedereen heeft een unieke trilling, een eigen rol binnen het grotere geheel. Maar als je die trilling niet leeft, raakt de harmonie in de groep verstoord. Dan ontstaat ruis, miscommunicatie en stagnatie. Wat ik steeds weer zie, is dit: Verander de wereld – begin bij jezelf Zonder zelfinzicht wordt samenwerken ploeteren. Dan draait het op wilskracht en aannames. Maar als ik van binnenuit leef – trouw aan mijn natuur – dan klopt het. Dan wordt samenwerken moeiteloos. En daarom blijf ik mezelf die vraag stellen: Wie ben ik? Wat kom ik brengen? Wat is de trilling van mijn missie? Als ik leef wat klopt voor mij, dan kan ik ook bijdragen aan wat klopt voor ons allemaal. Een andere kijk op Dodenherdenking in het licht van waarheid Elk jaar op 4 mei herdenken we de doden. Twee minuten stilte voor hen die vielen. We staan stil bij verlies, bij leed, bij oorlog. Maar hoe ver reikt onze herdenking werkelijk? Helpt het ons ontwaken, of houdt het ons gevangen in een verhaal dat steeds opnieuw verteld wordt? Jezus zegt in het evangelie: “Volg Mij, en laat de doden hun doden begraven.” (Mat. 8:22 / Luc. 9:60) Een harde uitspraak? Misschien. Maar alleen als we het letterlijk nemen. In spirituele zin is het een uitnodiging. Een oproep om los te komen van het verleden — niet uit onverschilligheid, maar uit liefde voor het Leven. Wat bedoelt Jezus met ‘de doden’? In Een Cursus in Wonderen betekent dood iets anders dan het einde van een lichaam. De dood is het symbool van afgescheidenheid. Wie leeft in angst, schuld of identificatie met het lichaam, leeft in een droom van dood — ook al functioneert het lichaam nog. “De dood is de centrale droom waaruit alle illusies voortkomen.” (T31.IV.4:3) Als Jezus zegt “Laat de doden hun doden begraven”, dan doelt Hij op hen die vastzitten in het denken van deze wereld. Hij nodigt uit om Hem te volgen — niet naar de hemel ná de dood, maar naar de waarheid nú. Herdenken als ritueel van gehechtheid Vanuit dit licht wordt Dodenherdenking een moment van reflectie. Maar de vraag is: wáár reflecteren we op? Wanneer we blijven herhalen wie ons aangedaan heeft, wie ‘helden’ waren en wie ‘vijanden’, houden we het verhaal van afgescheidenheid in stand. We herdenken dan niet om te helen, maar om te bevestigen: wij zijn anders dan zij. Het ego gebruikt herdenking om het verleden levend te houden, als rechtvaardiging voor wie wij nu denken te zijn. De werkelijke vraag is: worden we er wakkerder van? Of juist meer gebonden? Het Hegeliaanse effect: hoe oorlog gemaakt wordt Hier komt het Hegeliaanse principe in beeld: These – Antithese – Synthese. Oftewel: creëer een probleem, lok een voorspelbare reactie uit, en bied vervolgens de ‘oplossing’ die je al klaar had liggen. In het kader van oorlog werkt dit als volgt:
De rol van de elite in het spel van oorlog en vrede De mondiale wapenindustrie is een miljardenbusiness. Vrede verkoopt niet. Angst wel. En zolang wij via herdenkingen, films, nieuws en onderwijs het narratief van goed tegen kwaad blijven voeden, blijft er draagvlak voor militaire macht. De elite heeft dus geen belang bij werkelijke vergeving of innerlijke ontwaking. Zolang wij blijven herdenken zonder werkelijk te herinneren wie we zijn, blijven we beschikbaar als pion in een groter machtsspel. Een andere herdenking: niet achterom, maar naar binnen Werkelijke herdenking is geen ritueel van verdriet, maar een daad van herinnering: Wie ben ik? Waar ben ik bang voor? Waar geloof ik nog in strijd? “Vergeving is het enige pad dat leidt tot vrede.” (W-pI.200.3:3) Als we werkelijk zouden stilstaan bij het lijden van oorlog, zouden we niet blijven hangen in slachtofferschap, maar zouden we de cirkel willen doorbreken. Niet door nog harder te herdenken, maar door bewust te vergeven — niet als morele daad, maar als innerlijke keuze voor vrede. Volg Mij – en leef Jezus zegt: “Volg Mij.” Dat is geen religieuze verplichting. Het is een spirituele keuze. Een weigering om nog langer in angst te investeren. Om niet langer het verleden te laten bepalen wat we nu zien. Het vraagt moed om het verhaal los te laten. Om niet automatisch mee te gaan in nationale rituelen, hoe heilig ze ook lijken. Maar in die loslating schuilt bevrijding. Want wie de doden laat rusten, kan zelf eindelijk gaan leven. Laat de doden hun doden begraven. Volg Mij. Kies voor leven. En dát is misschien wel de krachtigste vorm van herdenking die er bestaat. |
De basisDeze gedachten en inspiraties zijn overdenkingen. Bedoeld om informatie te delen en enigszins te bundelen. Het zijn vingerwijzingen en zeker geen absolute waarheid. De waarheid is alleen in stilte te vinden. Archives
Maart 2026
Categories |
RSS-feed